

|
|

|

|

Middelen

Mobiel laboratorium, biofouling monitor, mosselmonitor, BioGEORGE, microtox en mutatox, ATP/MIC testen, visafleidingssystemn, pulse chloriation en DATS monitor

|

|
|
Mobiel laboratorium
Het KEMA mobiele laboratorium is een omgebouwde 20
voet zeecontainer met een natte (lab voor experimenten) en droge
ruimte (kantoorgedeelte). Het mobiele laboratorium wordt on-site
bij uw bedrijf geplaatst zodat onder lokale condities de
koelwaterconditionering kan worden onderzocht. Het lab-gedeelte van de container is ingericht om
onderzoek te verrichten op locatie met het koel-, afval- of
proceswater. Hierbij kan gebruikt worden gemaakt van de
standaarduitrusting van het lab. Deze standaarduitrusting bestaat
uit de watervoorziening met 3 doorstroomvaten waarvan het debiet
on-line wordt gemeten. Naast deze debietmetingen wordt ook de
turbiditeit, pH, opgelost zuurstof, saliniteit, temperatuur, en TRO
of FO on-line gemeten. In het kantoorgedeelte staan de benodigde
PC’s, communicatiemiddelen en airco opgesteld. De verzamelde data
kunnen op afstand via een GSM verbinding of vaste telefoonlijn naar
het KEMA hoofdkwartier worden overgezonden voor verdere
data-analyse. In het mobiele laboratorium kan verder gebruikt
worden gemaakt van de volgende instrumenten: - MosselMonitor®
- BIoGEORGE™
- KEMA Biofouling Monitor®
- Draagbare test units
|
|

|
KEMA Biofouling Monitor®
KEMA Biofouling Monitor® (KBM) is een tool waarmee de vasthechting en groei van allerlei aquatische organismen kan worden gevolgd in de tijd. De KBM wordt veel ingezet bij bedrijven als bypass van het koelwatersysteem om te zien of de aangroeibestrijding goed verloopt. Een belangrijk gegeven in aangroeibestrijding is het kunnen monitoren van de vasthechting en groei van ongewenste aangroei-organismen en de effectiviteit van de toegepaste bestrijding. KEMA heeft een nieuwe monitor ontworpen, de KEMA Biofouling Monitor® die beter aansluit op de eisen van operators. Voorwaarden voor het ontwerp waren: eenvoudige monstername en reiniging (sedimentatie) en geen overstroming van de monitor. Dit is bereikt door de waterstroom van onder naar boven te laten lopen, via een sedimentatieruimte, door een viertal kokers en het water bovenin centraal af te voeren. De aangroei in de KBM vindt plaats op een viertal platen die vrij in de kokers hangen. Voor het bemonsteren van de platen hoeft de watertoevoer niet meer onderbroken te worden. De KBM is compact (diameter 400 mm en hoogte 1040 mm) gemaakt van gerecycled PVC en extra opties kunnen worden meegeleverd zoals debiet-, zuurstof- en temperatuurmeting. De monitor wordt als by-pass aangesloten op het koelwatersysteem en geeft een representatief beeld van de aangroei zoals mosselen, zeepokken, oesters en hydroïden. Het resultaat van de KBM is inzicht in het aangroeiverloop waardoor problemen eerder worden opgemerkt en tegenmaatregelen op tijd kunnen worden genomen. Toepassingen:
- meten van de effectiviteit van aangroeibestrijding
- continu inzicht in het verloop van de aangroei
- testen van coatings en nieuwe bestrijdingsmiddelen
- KBM kan worden ingezet voor ecotoxicologisch onderzoek
|
|

|
MosselMonitor®
Klepbewegingsapparaat waarmee het gedrag van mosselen en oesters
goed kan worden gevolgd gedurende een test of biocidedosering. Deze
tool is het resultaat van een samenwerkingsverband met TNO, RIVM en
Delta Consult.De MosselMonitor® is een commercieel
verkrijgbaar Biologisch Early Warning Systeem (BEWS). De werking is
gebaseerd op het klepbewegingsgedrag van bivalven, zoals mosselen
en oesters. In "schoon" water bewegen de kleppen zich volgens een
vast patroon waarbij ze de meeste tijd openstaan, ze vertonen dan
filtratiegedrag (voedsel en zuurstof opname). Wanneer er een
verontreiniging (bijvoorbeeld Na-hypochloriet dosering) van het
water plaatsvindt zal de mossel een afwijkend klepbewegingsgedrag
gaan vertonen. Dit resulteert meestal in het vaker en voor langere
tijd sluiten van de schelpen. Op de MosselMonitor® worden acht mosselen
bevestigd, waarbij elke mossel met één schelphelft "vastgelijmd"
zit op een PVC-plaatje. Op de andere zijde van het plaatje en op de
andere schelphelft van de mossel wordt een sensor aangebracht. Het
meetprincipe berust op inductieve afstandsmeting bij 250 kHz. De
sterkte van het geïnduceerde signaal wordt bepaald door de afstand
tussen de twee spoeltjes en is dus een maat voor de klepstand. Met
een microprocessor wordt continu (sequentieel) de klepbeweging
geregistreerd van de acht afzonderlijke mosselen. Het resultaat is
een gevoelig en snel reagerend BEWS. Veranderingen in klepstand van
<100 micron kunnen worden gemeten. Op dit moment wordt de MosselMonitor® door
KEMA gebruikt voor de waterkwaliteitbewaking in oppervlaktewater en
bij de optimalisatie van aangroeibestrijding met Na-hypochloriet in
industriële koelwatersytemen (Pulse-Chlorination®). Toepassingen: - Pulse-Chlorination®
- waterkwaliteitbewaking
|
|

|
BioGEORGE™
De BIoGEORGE™ is een probe die exact de
microbiële activiteit in een biofilm in de tijd volgt en een
waarschuwing geeft als de biofilm te dik wordt. Het effect van een
biocidedosering kan direct worden waargenomen. Het BIoGEORGE™
systeem maakt het mogelijk de afzetting van micro-organismen op
metalen oppervlakken en de microbiële activiteit van een biofilm
(microbiële slijmlaag), on-line te detecteren. Het systeem maakt gebruik van een meetsonde
waarop de afzetting van een biofilm, vergeleken met andere
oppervlakken zoals warmtewisselaars, wordt bevorderd. De meting is
representatief voor de biofilmgroei op metalen oppervlakken in het
koelwatersysteem. Handhaving van een schone sonde waarborgt de
afwezigheid van biofilms op pijpoppervlakken en in warmtewisselaars
in een (koel)watersysteem. Het systeem heeft aangetoond bijzonder
nuttig te zijn voor biocide-optimalisatie in koelwatersystemen.
Door directe bepaling van de activiteit van een biofilm is de
effectiviteit van een type biocide in bestrijding van een biofilm
direct te bepalen. Het systeem wordt door KEMA ingezet om
informatie te leveren aan operators om te bepalen of microbiële
aangroei in hun watersystemen wel of niet moet worden bestreden.
Bovendien wordt het systeem toegepast om de effectiviteit van een
biocide te evalueren en te optimaliseren waarbij de risico's op
afzetting van biofilms en corrosie wordt geminimaliseerd en
onnodige kosten door overdosering worden voorkomen. BIoGEORGE™ is een handelsmerk
van Structural Integrity Associates, Inc. (USA)
|
|

|
Pulse-chlorination®
Doseringstechniek waarbij een optimale aangroeibestrijding wordt verkregen met een minimale hoeveelheid chloor. Met behulp van verschillende tools wordt het regime voor elke specifieke locatie bepaald. In Nederland is chlorering nog steeds de meest toegepaste methode voor aangroeibestrijding (macro- en microfouling) in koelwatersystemen. De belangrijkste soorten macro-organismen zijn respectievelijk zee-, brak- en zoetwatermosselen, apehaar en zeepokken. Het zijn vooral mosselen die het grootste probleem veroorzaken. KEMA heeft in 1998 een nieuwe manier van chloordosering ontwikkeld waarbij een optimale aangroeibestrijding wordt verkregen met een minimale hoeveelheid chloor Pulse-Chlorination® geheten. In de zomer van 2000 werd tijdens een Integrated Pollution Prevention and Control (IPPC) bijeenkomst in Sevilla, Pulse-Chlorination® uitgeroepen tot BAT (Best Available Technology). Pulse-Chlorination® maakt gebruik van de herstelperiode van mosselen na chlorering. Door kortdurende opeenvolgende chloreringsperioden toe te passen zullen de mosselen dit ervaren als een aaneengesloten periode van chlorering. Door het toepassen van de MosselMonitor® kan nauwkeurig worden vastgesteld hoelang deze herstelperiode voor mosselen is. Van 1998 tot en met 2000 is Pulse-Chlorination® al met succes toegepast door verschillende bedrijven waaronder E-centrales, afvalverwerkingsbedrijven en chemische industrieën. Dit heeft voor deze bedrijven geresulteerd in een nieuw doseringsregime. Hierdoor is een verbetering in aangroeibestrijding verkregen en een besparing op het chloorverbruik tot boven de 50% ten opzichte van continu chlorering! Productieverlies door beperking van de koelcapaciteit wordt hiermee op eenvoudige wijze voorkomen.
|
|

|
|
[download] Pulse-Chlorination, the best available technique (.pdf 811 kb)
|
|
[download] Pulse-chlorination E.On - VGB 2004 (.pdf 89 kb)
|
|
|

|
Visafleidings systemen
Visschade wordt veroorzaakt door passage van vis door turbines
van waterkrachtcentrales of inzuiging in koelwatersystemen van
thermische centrales of andere industrieën. Door ophoping van dode
vis op zeven kan een optimale bedrijfsvoering worden verstoord.
Daarnaast veroorzaken verscheidene vissoorten indirect, een
verhoogde (giftige) algengroei in drinkwaterbassins. Het weren van
vis uit dergelijke systemen en van gevarenzones is derhalve
belangrijk voor bedrijfsvoering, ecologische duurzaamheid en
milieuregelgeving daar de wet steeds striktere maatregelen
voorschrijft. KEMA heeft een uitgebreide ervaring in onderzoek en ontwikkeling
van visafleidingsystemen op basis van licht, welke hun waarde in de
praktijk reeds hebben bewezen. Recente experimenten hebben laten
zien dat verschillende vissoorten effectief kunnen worden afgeleid
van gevarenzones door middel van een ‘lichtscherm’. Naast de
lichtsystemen, is KEMA de officiële vertegenwoordiger (voor de
Benelux en Duitsland) van het effectieve, akoestische
afleidingsysteem (BAFF) van Fish Guidance Systems Ltd.
(UK). Zowel het lichtsysteem als het geluidssysteem worden
door KEMA toegepast om uw visproblemen op te lossen. KEMA biologen en ingenieurs kunnen u precies vertellen welk
systeem het best kan worden toegepast in uw specifieke situatie en,
na installatie, een vervolgstudie uitvoeren om de in de praktijk
behaalde resultaten te demonstreren. Wij leveren een compleet
operationeel systeem aangepast aan uw situatie en elke omgeving,
van rivier tot zee. Belangrijke parameters zijn achtergrondlicht en
-geluid, watersnelheid en water turbiditeit en natuurlijk de
specifieke (doel) vissoorten die moeten worden afgeleid. Het
systeem wordt geleverd met ‘easy-to-operate’ hijsapparatuur en
aansturingunits voor licht en/of geluid. Lichtsystemen KEMA heeft een nieuw stroboscoop lichtsysteem ontwikkeld,
waarvan de onderwater armatuur bestaat uit een glazen cilinder op
een PVC voet. In de glazen cilinder is een sterke flitslamp
geplaatst met bijbehorende condensatoren en elektronica. De
flitslamp is op een aluminium reflector bevestigd. De lamp geeft
een helder wit licht met golflengte tussen 400 en 700 nm. De
lampen, in een rij geplaatst voor de gevarenzone, produceren
synchrone flitsen waarvan de frequentie vanuit een regelkast kan
worden ingesteld. De lampen zijn beschermd tegen oververhitting
door een hitte-sensor (max. 50 °C). Stroboscoop
lampen
| Frequentie
(n/s)
| Capaciteit
(Joule)
| Reflector
x
| Licht intensiteit
op 1 m afstand (Lux)
| Nieuwe lamp (KEMA) | 6 | 23 | + | 200 – 800 | Oude lamp (KEMA) | 6 | 2 | - | 13 – 19 |
De fluorescentie lampen, ook door KEMA ontwikkeld, bestaan uit
eenzelfde onderwater armatuur, alleen de in de glazen cilinder
geplaatste lamp is een PL-L 36 W lamp (230V/50Hz; Lumineus flux
2900 Lm (100 h branduren); 435 mA).
|
|

|
Microtox® en Mutatox™
Dit zijn technieken waarmee toxische en mutagene stoffen kunnen worden waargenomen. Bij Microtox® wordt gebruik gemaakt van bacteriën die licht geven. Het licht 'gaat uit' als ze door toxische stoffen worden vergiftigd. Bij Mutatox™ wordt gebruik gemaakt van een gemuteerde variant die, als er mutagenen stoffen in het spel zijn, zorgen dat de bacteriën terugmuteren en weer licht gaan geven. Microtox® toxiciteit test De Microtox® test is een acute toxiciteitstest met behulp van de mariene luminescerende bacterie Vibrio fisherii. De testmethode met luminescerende bacteriën is een geaccepteerde methode voor de bepaling van de acute toxiciteit, welke in meerdere landen is gestandaardiseerd (bijv. NVN 6516, DIN 38412 en AFNOR T90-320). Tevens zijn er vele publicaties verschenen waarin deze testmethode wordt beschreven (Handbook of ecotoxicological data volume two). Bij de Microtox® test wordt de lichtremming van luminescerende bacteriën gemeten na kortdurende blootstelling (5 minuten) aan in water opgeloste verontreinigingen. De blootstellingstijd is instelbaar en kan verlengd worden naar 15 of 30 minuten, meestal laat men dat afhangen van de aard van de te verwachten verontreinigingen. Lichtmeting aan luminescerende organismen vormt een goed kwantificeerbare fysiologische effectparameter. De gebruikte bacteriën (Vibrio fisherii) zijn als standaardorganismen commercieel verkrijgbaar in gevriesdroogde vorm. Een belangrijk voordeel van bio-alarmsystemen met bacteriën is de stabiele respons. Hierdoor kunnen statische alarmgrenswaarden worden gebruikt. Mutatox® toxiciteit test De Mutatox™ test wordt beschouwd als een veelbelovend hulpmiddel voor het aantonen van mutagene stoffen in milieumonsters. De genotoxiciteit van waterige monsters kan bepaald worden met het Mutatox™ Genotoxicity Test System (Microbics Corporation, CAL U.S.A.). Mutatox™ maakt gebruik van speciale niet-lichtactieve gemuteerde stam van de luminescerende bacterie Vibrio fischeri (M169). Deze bacterie geeft een toename in luminescentie bij blootstelling aan subletale concentraties van mutagene stoffen. De test wordt uitgevoerd met en zonder additie van S9 rat lever fractie (microsome preparaat). Met S9 additie (plus co-factors) is het mogelijk om stoffen aan te tonen die genotoxische eigenschappen hebben na metabolisatie door lever enzymen. Het geëmitteerde licht van de bacterie wordt gemeten in een Microbics Model 500 analyser na 16, 20 en 24 uur incubatie bij 27 °C in een waterbad. Een monster wordt aangemerkt als positief ("genotoxisch") wanneer in tenminste twee opeenvolgende concentraties – bij een 1:1 verdunning – de gemeten lichtniveaus minimaal een factor 2 hoger zijn dan het gemiddelde lichtniveau gemeten in de media controles.
|
|

|
ATP/MIC testen
De ATP meting is een veel toegepaste techniek om de hoeveelheid
ATP (Adenosine Trifosfaat), de energiedrager op cellulair niveau in
de biologie, te meten in bijvoorbeeld koelwatersystemen in verband
met microbiële activiteit. Een variant is de MIC-test (Microbial
Influenced Corrosion) waarmee aangetoond kan worden dat bacteriën
de oorzaak zijn voor bepaalde typen corrosieschade. Microbiologische Geïnduceerde Corrosie
test: MICkit™ III
Microbiologische geïnduceerde corrosie (MIC) blijkt op steeds
grotere schaal een belangrijk mechanisme te zijn in
degradatieverschijnselen (corrosie) van metalen pijpen, buizen en
onderdelen in elektriciteitscentrales, (petro-)chemische industrie,
olie en gasproductie. MIC ontstaat door de aanwezigheid van een
biofilm waarin bacteriën gaan groeien waarvan de
stofwisselingsproducten corrosie veroorzaken. Het monitoren van
deze bacteriesoorten kan een operator waarschuwen dat maatregelen
genomen moeten worden om MIC tegen te gaan voordat schade onstaat.
De MICkit™ III die door KEMA wordt gebruikt is een 'batch' type
meting specifiek gericht op de belangrijkste MIC veroorzakende
bacteriën. MICkit III™ is de handelsnaam van BioIndustrial
Technologies, Inc. Adenosine-5'-trifosfaat test Adenosine-5'-trifosfaat (ATP) kan het best omschreven
worden als de energiedrager in alle levende cellen. De 'test-kit'
is speciaal ontworpen door Celsis Lumac om de mate
van microbiële verontreiniging in water- en schraapmonsters van
wanden en oppervlakken vast te stellen en daarmee de effectiviteit
van additieven en biociden op de microbiële groei te kunnen
vaststellen. De 'Microbial Biomass Test Kit' kan bij alle
industriële systemen worden toegepast waar kennis nodig is over de
mate van microbiële activiteit. De mate van lichtproductie
correleert met de hoeveelheid ATP in het watermonster welke op zijn
beurt een relatieve maat is voor de microbiële activiteit. Het
voordeel ligt in de korte bepalingstijd van enkele
minuten.
|
|

|
DATS™ monitor
De DATS™ monitor bepaald de afzetting van biofilm, scaling en sediment aan de hand van meting van de warmte overdracht coëfficiënt. Het systeem wordt gebruikt om de ‘performance’ van de condensor te evalueren voor optimalisatie van de toegepaste waterbehandeling voor een maximale warmteoverdracht. Het Deposit Accumulation Testing System (DATS™), van Bridger Scientific, Inc. (USA), is een side-stream data acquisitie monitor gebruikt door KEMA voor de controle en het monitoren van parameters die noodzakelijk zijn ter bepaling van de performance van een warmtewisselaar. De DATS™ Fouling Monitor maakt de registratie van (an-)organische afzetting mogelijk onder specifieke procescondities en genereert essentiële informatie voor een efficiënte fouling bestrijding. Afzettingen als scaling, bacteriële slijmvorming (biofilm) en sediment veroorzaken een thermische isolatie en daardoor een verandering in warmteoverdracht in de DATS™ Fouling Monitor. Specifieke condities zoals type materiaal en diameter van de condensorpijp, temperatuur, warmte-belasting, en watersnelheid kunnen worden aangepast om de procescondities van een condensor zo exact mogelijk te evenaren. Toepassing van de DATS™ maakt fouling monitoring onder specifieke proces condities mogelijk en geeft direct inzicht in de effectiviteit van fouling management programma’s. Meer informatie? Neem contact met ons op.
|
|

|

|

|



|

|

|
|